dinsdag 13 januari 2009

De parel aan de kroon

Een week al!
Zeven dagen geleden kwamen we hier doodmoe om zes uur aan.
Is er al veel veranderd? Ogenschijnlijk niet. Het huis staat vol, dat wel.
Er is veel gebeurd. Vooral op administratief vlak. De fundamenten van de chambres d’hotes zijn gelegd, de contacten, de aanvragen aangevraagd…
En de haag hebben we klein gekregen. Daar ben ik niet weinig trots op.
Een arm vol schrammen heb ik daar graag voor over.


Het is zoeken geweest hoe ik die vijftien meter lange bramenhaag te lijf zou gaan.
Ze was anders wel decoratief, ik vond het een beetje zonde om die natuurpracht om zeep te helpen.
Heb je al een bramenblad bekeken? Ik heb er duizenden gezien. Mooi blaadje. In het begin heb ik me bij elke knip wel willen verontschuldigen:
- Je bent mooi maar ik kan je niet houden, je bent te dartel, als ik je laat doen palm je de hele tuin in...
Naderhand was er vooral de zorg hoe ik dat tuig zou aanpakken. Anderhalve meter breed.
Ik kweekte mezelf een tactiek aan. In plaats van elke afgeknipte tak onderuit te halen, knipte ik wildweg bovenaan. Korte takken lieten zich makkelijker uitrijgen. Mijn grootste zorg was het bewaren van de passieflora waarvan de gouden vruchten als juwelen de haag sierden.
De bron, de stam van die sieraden vinden en bewaren werd mijn holy grale, jammerend over elke twijg die ik per ongeluk toch guillotineerde.
Dichter en dichter bij de grond ging ik te werk. Wat me daarbij opviel waren de drie plantenfamilies die ik aantrof.
De eerste – overduidelijk – stekelige bramen. Tweedes, een variant daarvan, ook een doornige plant met steviger tak. Derdes dus de doornloze passieflora.
De vraag of de passieflora als doornige struik ontspringt drong zich op.
Hoe meer ik opschoot, hoe duidelijker de groene structuur van de struiken zich ontblootten. In de ban van de passieflora was ik, de tijd vloog.
Net voor de schemer kwam aanzetten stond de passieflora in vol ornaat .
Een ontschildering van een wild tableau.
Alles verwijderd om het goud te doen blinken.


…Als je één ding maar goed onthoudt
Dat je heel veel weg moet gooien
Voor je echt iets overhoudt…


Gamine