zondag 18 januari 2009

garburen


Dit is dan garbure, begrijp ik. En ik besef meteen dat daar heel wat grove varianten van in omloop zijn. De drab die we nu weeral een maand of twee geleden in hotel Lafayette mochten doorstaan zal ook wel garbure geweest zijn. Alsof een witte kool, steendood gekookt in eigen sop, voor een typische streek-hutsepot zou mogen doorgaan.
Maar goed, werden we dus uitgenodigd door monsieur le maire om samen met de commune ter gelegenheid van het nieuwe jaar een receptie en een 'petit repas' te komen genieten. Ik resumeer gauw voor mezelf dat maagzout hier alcaseltsère genoemd wordt.
En daar sta je dan tussen tweehonderd onbekende dorpelingen te doen alsof redevoeringen beluisteren je dada zou zijn. Mijn ogen dwalen over het bizarre wapenschild van Eyres-Moncube. Net toen het nog nauwelijks houdbaar was hield het op. Tijd voor een aperitiefje. Babbeltje. Ah vous êtes ceci et cela. Oui, entre Bruxelles et Louvain... en blijkt daar toch wel een zestiger zijn jeugd in niks minder dan Blankenberge doorgebracht te hebben...
We maken vluchtig kennis met de maire en dan aan de garbure dus. De variant met de joekels van patatten. Maar, toegegeven, hier kan Bruno een punt aan zuigen.
Tafelgesprekken ondertussen. Ik maak handig gebruik van mijn hardhorigheid om wat te gaan 'doseren'. Maar onze overbuur was dus ooit kok geweest...

Gamin