woensdag 21 januari 2009

grond


Okers. Gebrande aarde, sienna, omber, pozzuoli... Een muur van kleur opent zich als de hak de vaste ondergrond afschilfert: het staal. Het staal genoemd. Grijze schaduwen bekennen zich als boomwortels-voorheen, aderen mee de diepte in.
Daarvoor moet je eerst door een meter kleverige leem met keien en breuksteen. Elke haal met de hak stokt op steen, de vonken spetteren. Na een tijd ga je op je knieën: met de hamer dan. Als rotte tanden laten de keien zich op de duur wel loswrikken, geven ze zich prijs, maken plaats voor een holte waar de hamer opnieuw op afketst.
En dan, eindelijk de voor die hier ontstond. Een muur.

Een man van de sanering kwam langs. Voor de septische toestand, grondonderzoek. Niets is hier evident. Laat staan de riolering. Hij boorde wat putjes en goot er water in. Een onderzoek naar de doorlaatbaarheid van de ondergrond.
- Weet u, een tijd geleden regende het hier een paar dagen, wel, die put daar heeft toen een week blank gestaan.
- J'avais déjà l'impression.
Hij trekt een negatieve streep over zijn observatieblad perméabilité.
Het wordt een bezinkput in beton - 40 m² - gevuld met zand.

Gamin